Ecocide

Ecocide: een nieuw misdrijf?

Door Elias Kruithof en Niels De Ridder

Op 27 mei trok de eerste ecocide-mars door de straten van Brussel. Op de trappen van het afbrokkelende justitiepaleis voerden de actievoerders een levendig toneeltje op. Een monster met vele koppen, symbool van grote internationale vervuilers, wordt verdreven door vrouwe Justitia, geflankeerd door advocaten, die het bedreigde milieu te hulp schieten. De deelnemers eisten twee uur lang de erkenning van ecocide als internationaal misdrijf. Want binnenkort kan een heel nieuw tijdperk in de juridische klimaatstrijd beginnen.


De laatste tijd hebben een aantal historische rechtszaken heel wat media-aandacht gekregen. Denk maar aan de Belgische Klimaatzaak (zie onze vorige editie, juni 2021) en de veroordeling van olieproducent Shell door een Nederlandse rechtbank. Het ging telkens om een organisatie of overheid die veroordeeld werd. Zonder afbreuk te doen aan het belang van deze veroordelingen, blijkt dat de consequenties beperkt blijven tot een symbolische veroordeling, aangescherpte doelstellingen of hoogstens een geldboete. Zou het niet goed zijn, moest wie zich schuldig maakt aan ecologische vernietiging, of het nu uit winstbejag of nalatigheid is, daar ook écht voor verantwoordelijk gehouden wordt?

Foto: Francois Dvorak

Er bestaat een instituut om dat mogelijk te maken: het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag. Die instelling is verantwoordelijk voor de veroordeling van daders van genocide, misdaden tegen de mensheid, het misdrijf van agressie en oorlogsmisdrijven. Ze veroordeelden al hoge officieren die een belangrijke rol speelden tijdens de Rwandese Genocide of tijdens de oorlog in Joegoslavië. In de context van zo’n conflicten heeft het ICC ook de mogelijkheid ze te straffen voor aangerichte milieuschade. Maar enkel wanneer die milieuschade een gevolg veroorzaakt werd in oorlogstijd. Dat moet veranderen, stellen voorstanders van de internationaalrechtelijke verankering van ecocide. Binnenkort moet het volgens hen mogelijk zijn om zo'n milieuschade steeds strafbaar te maken, ook indien ze in vredestijd veroorzaakt werd.


Het begrip ecocide is niet geheel nieuw in het internationaal humanitair recht. In 1972 stelde de Zweedse premier Olof Palme al voor om ecocide te erkennen als internationaal misdrijf op een VN-conferentie over de menselijke leefomgeving. Recenter, in 2010, stelde de Britse milieuactiviste en advocate Polly Higgins een werkdefinitie voor van het begrip, die nog steeds expliciet refereert aan de leefbaarheid van een bepaald gebied. De factor van de ‘menselijke’ leefomgeving is in de nieuwste definitie naar het achterplan geraakt. Zoals de definitie aangeeft wordt schade aan het milieu nu ook als kwalijk an sich beschouwd, ongeacht van de impact op de menselijke bevolking.

Een internationaal team van advocaten, met steun van de organisatie Stop Ecocide, heeft een wettelijke definitie opgesteld voor het misdrijf ecocide. Zij definiëren dit nieuwe misdrijf als volgt (er is nog geen officiële Nederlandse versie):


  1. “For the purpose of this Statute, “ecocide” means unlawful or wanton acts committed with knowledge that there is a substantial likelihood of severe and either widespread or long-term damage to the environment being caused by those acts.


  1. For the purpose of paragraph 1:


a. “Wanton” means with reckless disregard for damage which would be clearly excessive in relation to the social and economic benefits anticipated;

b. “Severe” means damage which involves very serious adverse changes, disruption or harm to any element of the environment, including grave impacts on human life or natural, cultural or economic resources;

c. “Widespread” means damage which extends beyond a limited geographic area, crosses state boundaries, or is suffered by an entire ecosystem or species or a large number of human beings;

d. “Long-term” means damage which is irreversible or which cannot be redressed through natural recovery within a reasonable period of time;

e. “Environment” means the earth, its biosphere, cryosphere, lithosphere, hydrosphere and atmosphere, as well as outer space.”


Twee zaken zijn essentieel in deze definitie. Eerst en vooral is het belangrijk dat daden die onder de noemer ecocide vallen, zijn gepleegd in de wetenschap dat er ernstige schade aan het milieu zou worden aangericht. Er moet dus sprake zijn van kwade wil, of op zijn minst van grove nalatigheid. Ten tweede is de ernst van de schade ook belangrijk, net als de grootte van het getroffen gebied en de duur van de schade. Om te voorkomen dat de definitie te ruim wordt, moet de aangerichte schade steeds buiten proportie zijn met de eventuele noodzaak of maatschappelijke voordelen die eruit worden gewonnen.

Wie zich hieraan schuldig maakt, zou in de toekomst strafrechtelijk vervolgd kunnen worden. In plaats van een geldboete voor een bedrijf, zouden rechters nu ook bestuursleden die de opdracht geven tot ecologische verwoesting, kunnen berechten, met zelfs een gevangenisstraf tot gevolg.


“Klinkt goed!,” denk je waarschijnlijk, “waar wachten we nog op?” Vooraleer het internationaal recht ecocide als misdrijf erkent, is er nog een hele weg af te leggen.

Zo moet de voorgestelde definitie opgenomen worden in het Statuut van Rome, het stichtende document van het Internationaal Strafhof. Dit gebeurt wanneer twee derde van de 123 lidstaten van het ICC het amendement goedkeuren. Bovendien krijgt het Hof op die manier voor de eerste keer de mogelijkheid om menselijke daden in vredestijd te berechten. En dat is een fundamentele verandering. Maar kunnen we de toestand van ons klimaat nog benoemen als vredestijd? Als een tijd zonder geweld? Dat is moeilijk houdbaar - een veranderd klimaat is bijzonder gewelddadig. Er is nog een lange weg te gaan.


België nam al het goede voorbeeld! Als eerste Europese land haalde het bij het ICC de noodzaak aan om een misdrijf (of meerdere) onder de naam ecocide te erkennen. In de woorden van minister van Buitenlandse Zaken, Sophie Wilmès: “Je souhaite également profiter de cette intervention pour attirer l’attention des Etats parties sur le drame que constitue la perpétration de crimes graves à l’environnement. La Belgique estime qu’il serait utile d’examiner la possibilité d’introduire les crimes dits d’« écocide » dans le système du Statut de Rome, dans le cadre des travaux de nos prochaines sessions.”


Waar wachten Wilmès en de rest van de Belgische politiek op om ecocide een plaats te geven in het Belgisch strafrecht? We strijden al veertig jaar voor een internationaal afdwingbaar strafrechtelijk begrip en we zijn er nog niet. Zo’n dingen duren blijkbaar verschrikkelijk (te) lang. Maar de tijd dringt. België kan een krachtig signaal geven aan de internationale gemeenschap door ecocide alvast in te voeren als strafrechtelijk begrip, voordat we weer 40 jaar moeten wachten. Of zou onze politiek het debat rond ecocide voornamelijk niet willen voeren en het daarom naar een ander instituut verschuiven? Los van haar intenties blijft het een valse keuze: laat ons het debat op elk niveau voeren, zowel op het internationaal als het Belgisch niveau. Ecocide in de strafwet, nu!



Pers:

https://www.theguardian.com/environment/commentisfree/2021/jun/22/ecocide-must-be-listed-alongside-genocide-as-an-international-aoe

https://www.theguardian.com/law/2020/nov/30/international-lawyers-draft-plan-to-criminalise-ecosystem-destruction

https://www.dewereldmorgen.be/artikel/2021/06/22/allereerste-ecocide-mars-trekt-door-brussel-op-27-juni/


Persbericht Stop Ecocide: https://docs.google.com/document/d/1HjKTagSUoMqiDOfZAjoYTTI8869jNReygOVbJYarHoY/edit


Juridisch panel over definitie ecocide + commentaar: https://static1.squarespace.com/static/5ca2608ab914493c64ef1f6d/t/60d1e6e604fae2201d03407f/1624368879048/SE+Foundation+Commentary+and+core+text+rev+6.pdf