Divestment

hoe begin ik er aan?

(Don't) Follow the money

Niels De Ridder


Divestering, stoppen met investeren, is een van de meest doeltreffende instrumenten die een activist tot hun beschikking heeft. Wanneer bedrijven en overheden onder druk van activisten en burgers hun investeringen in fossiele brandstoffen en andere vervuilende activiteiten stopzetten heeft dat meteen een tastbaar effect. Wereldwijd worden er duizelingwekkende bedragen gedivesteerd, maar er is nog een lange weg te gaan. Wat is divestering, waar komt het vandaan, en hoe begin je er zelf aan?

Wat is divestering?


Het idee achter divestering, ook wel divestment genoemd in het Engels, is erg eenvoudig. Divesteren is het tegenovergestelde van investeren. Alle bedrijven hebben investeringen nodig om te kunnen functioneren. Eenvoudigweg stoppen met investeren in deze bedrijven kost hen handenvol geld, en vermindert hun vermogen om hun activiteiten verder te ontwikkelen.


Deze manier van activisme is allesbehalve nieuw. Het meest bekende en succesvolle voorbeeld uit de recente geschiedenis is de divesteringscampagne tegen het Apartheidsregime in Zuid-Afrika tussen de jaren zestig en de jaren negentig. De investeringsstop, aangevoerd door prominente Amerikaanse universiteiten, zorgde voor kapitaalvlucht, wat op termijn de waarde van de Rand aantastte en druk zette op de overheidsfinanciën.

Divestering en fossiele brandstoffen


Investeren in producenten van fossiele brandstoffen werd lange tijd als ‘veilig’ beschouwd vanwege het zo goed als gegarandeerde rendement. Dit maakte deze investeringen populair bij pensioenfondsen, onderwijsinstellingen en overheden, die vooral op zoek zijn naar een stabiel inkomen. Anno 2021 is het zonneklaar wat de gevolgen zijn van jarenlange investeringen in fossiele brandstoffen: het ene na het andere hitterecord sneuvelt, en de schade aan onze ecosystemen op land en in de zee is niet te overzien. Daarbij komen nog eens de voortdurende mensenrechtenschendingen en de samenwerking met dubieuze regimes wereldwijd (actueel voorbeeld: Total baat belangrijke gasvelden uit in Myanmar, in ruil waarvoor het grote bedragen afstaat aan het Myanmarese regime. Na de militaire coup van Februari 2021 werd er opgeroepen om deze betalingen voorlopig stop te zetten, maar voorlopig zonder resultaat).


De logische reactie op deze crisis is dan om de producenten van fossiele brandstoffen te raken waar het pijn doet: hun portefeuille. Door de sterke toename van het klimaatbewustzijn in recente jaren neemt de druk op organisaties en bedrijven snel toe om niet meer te investeren in fossiele brandstoffen. De organisatie Go fossil free houdt een lijst bij van organisaties die volledig of gedeeltelijk gedivesteerd hebben uit fossiele brandstoffen, waaronder de republiek Ierland, New York City en het Noorse pensioenfonds (nochtans historisch gezien opgebouwd met inkomsten uit olie- en gaswinning). Met de Europese Investeringsbank (EIB) kiest een absolute gigant in de financiële wereld ervoor om vanaf eind dit jaar niet meer te investeren in fossiele energie.


Ook in België beweegt er wat. De KU Leuven stopte in 2016 met investeren in bedrijven die exclusief fossiele brandstoffen produceren, en de Belgische overheid heeft zich geëngageerd om dit tegen 2030 ook niet meer te doen (al is het onduidelijk hoe zij dit concreet zien).


Ook uit onverwachte hoek komen er oproepen tot divestering. Analisten en fondsbeheerders keren zich steeds meer tegen fossiele brandstoffen. Niemand minder dan Larry Fink, CEO van ‘s werelds grootste asset manager BlackRock, schrijft in zijn jaarlijkse veel gelezen brief aan CEO’s van 2021 dat het tijd is om fossiele brandstoffen los te laten en volop in te zetten op de transitie naar groene(re) energie. Zoals te verwachten zijn de reacties hierop erg gemengd. Sommigen zien het als een hoopvol signaal dat het kantelpunt van een energiesector gedomineerd door fossiele brandstoffen overgaat naar een gedomineerd door groene energie. Het is ook goed mogelijk dat dit niet meer is dan een cynische PR-stunt, aangezien BlackRock nog steeds 85 miljard dollar aan aandelen in steenkoolproducenten bezit. Dit is overigens een algemene trend in de financiële wereld. Ondanks grootse beloften over groene investeringen pompen de grootste banken wereldwijd jaar na jaar meer geld in de productie van fossiele brandstoffen, in de jaren na de ondertekening van het klimaatakkoord van Parijs al meer dan een hallucinante 3,8 biljoen dollar. Als de vos de passie preekt…

Hoe begin ik eraan?


Online is er een schat aan advies en informatie over divestering terug te vinden. Wie hun eigen spaargeld of beleggingen wil divesteren kan de bankwijzer van FairFin raadplegen, waarin de grootste Belgische banken een score krijgen gebaseerd op hun beleid ten opzichte van fossiele brandstoffen, biodiversiteit, mensenrechten etc.


Wie hoger wil mikken kan proberen een organisatie of overheid aan te zetten tot divestering, alleen, door je aan te sluiten bij een bestaand initiatief of door zelf een actiegroep op te richten. Geschikte doelwitten voor dit soort initiatief zijn pensioenfondsen, die vaak behoren tot de grootste liquide fondsen van lokale overheden of onderwijsinstellingen. Die laatste zijn overigens erg gevoelig voor potentiële imagoschade en zullen dus snel geneigd zijn om over te gaan tot divestering, zoals in het geval van de KU Leuven en het pensioenfonds van de UGent.


De eerste stap, het achterhalen van de inhoud van de fondsen, die vaak niet publiek bekend is, kan een grote horde zijn. Dit kan door contact op te nemen met de organisatie in kwestie of haar fondsbeheerder. Vervolgens is het ook belangrijk om uit te kijken voor greenwashing of voor ‘ethische’ beleggingscriteria die nog ruimte overlaten voor bepaalde investeringen in fossiele brandstoffen. Een voorbeeld uit de meest recente gids ethisch investeren van Ethias: na het veroordelen van de rampzalige impact van de ontginning van schaliegas en teerzandolie kondigt het aan dat het “niet [zal] investeren in bedrijven die meer dan 10% van hun inkomsten halen uit teerzanden- en olieschaliewinning, met inbegrip van boringen in het noordpoolgebied.” Hoe je het ook bekijkt, dat is 10% teveel. De meeste fondsen hanteren zogenaamde ESG-criteria. ESG staat voor environmental, social en governmental. Het is belangrijk om te achterhalen wat de concrete ESG-criteria zijn die gehanteerd worden, omdat fondsen die zelf kunnen invullen.


Druk uitoefenen op de organisatie of overheid die je wil aanzetten tot divestering kan op talrijke manieren, via de media of door middel van creatieve acties. Veel succes!